Vijf jaar varen op kompas in de huisartsenzorg

Het Roer Moet Om 2015-2020

2015

Letterlijk vijf voor twaalf

Letterlijk om vijf voor twaalf. Maar ook figuurlijk, want ons mooie vak wordt steeds verder bedreigd:

In de week die volgde gebeurde er iets wonderlijks. De noodkreet van De bezorgde huisarts ging als een lopend vuurtje door de media en - het allerbelangrijkste - vond massaal weerklank bij onze achterban. Samen maakten we een vuist waar politiek en verzekeraars nauwelijks nog omheen konden.

Ook in april bleef er veel aandacht in de pers voor de cijfertjesziekte, het misplaatste wantrouwen in de professional en het dictaat van zorgverzekeraars. Op individuele basis spraken zorgverzekeraars CZ en VGZ met ons, Achmea gaf een eerste schriftelijke reactie. Er klonk begrip en sympathie, maar concrete daden bleven uit. Nog veel opmerkelijker was dat Zorgverzekeraars Nederland - de partij die we samen met politiek Den Haag rechtstreeks aanspreken in ons manifest - vijf weken na onze noodkreet nog altijd in alle talen zweeg.

Om met overheid en verzekeraars uit de ontstane impasse te komen, concretiseerden we het manifest in acht actiepunten. Het actiecomité concludeerde dat in deze situatie van de inmiddels 7400 ondertekenaars niet gevraagd kon worden om gesprekken over contracten met zorgverzekeraars te voeren. Dat kon pas als onze noodkreet daadwerkelijk gehoord was en de acht actiepunten waren gerealiseerd.

Daarnaast kondigden we symbolische acties aan richting verzekeraars en politiek, waarvoor media-aandacht te verwachten was. Op 24 april ontvingen we schriftelijke reacties van zowel de als het Begin mei volgde opnieuw ruime aandacht in de landelijke pers.

Stormachtige weken voor de boeg

Begin mei kondigden zich stormachtige weken aan. De LHV presenteerde in Nieuwspoort haar plan om huisartsen onder het juk van de mededingingswet vandaan te halen. Minister Schippers nam het plan in ontvangst en reageerde zuinig: zij was vooralsnog niet van plan een uitzonderingspositie bij wet te regelen. Ook het actiecomité werd gevraagd te reageren en maakte van die gelegenheid gebruik om dit voor ons cruciale punt opnieuw stevig neer te zetten. Een opmaat naar wat volgde: met 7800 manifesten naar de Tweede Kamer.

Op 4 juni stonden we met een afvaardiging van het actiecomité in de Tweede Kamer. Vrijwel alle fractiewoordvoerders huisartsenzorg namen het manifest in ontvangst.

Tegelijk met de handtekeningen boden we de Kamerleden nog iets aan. In de eerste editie van de nieuwsbrieven, die we regelmatig verstuurden, riepen we huisartsen op om de misstanden die dagelijks in de eigen praktijk ervaren werden met ons te delen. Daar werd massaal gehoor aan gegeven. Dankzij de input van collega's beschikten we nu over voor iedereen begrijpelijke bewijsvoering van wat er dagelijks misgaat in de huisartsenzorg.

Op 10 juni organiseerden we 's avonds in de Rode Hoed een nationaal debat over de toekomst van de huisartsenzorg, onder de titel Het roer moet om: Overstag met de huisarts. Onder leiding van Harmke Pijpers gingen alle partijen die voor een koerswijziging noodzakelijk zijn met elkaar in debat: zorgverzekeraars, de Minister, Kamerleden, beroepsverenigingen en instellingen als de ACM, de IGZ, de Gezondheidsraad en het Kwaliteitsinstituut. Tijdens het debat moest hun koers duidelijk worden: gaan ze overstag met de huisarts, of niet?

De wind in de zeilen?

De dag na het nationale debat keken we terug op een bijzondere avond. Een Rode Hoed die tot de nok gevuld was met honderden huisartsen, tientallen bestuurders en experts van voor de huisartsenzorg cruciale organisaties. Een Minister die de tijd nam voor discussie. Live keken 4600 mensen mee met het debat. De aanwezige pers zorgde opnieuw voor brede media-aandacht. En op Twitter was Het Roer Moet Om (#HRMO) tijdens het debat zelfs trending topic in Nederland. Live keken 4600 mensen mee met het debat. De aanwezige pers zorgde opnieuw voor brede media-aandacht. En op Twitter was Het Roer Moet Om (#HRMO) tijdens het debat zelfs trending topic in Nederland.

Politiek en verzekeraars deden die avond wezenlijke toezeggingen. Minister Schippers gaf aan een einde te willen maken aan de machtsongelijkheid tussen zorgverzekeraars en huisartsen en dat er vaart gemaakt moest worden met het terugdringen van bureaucratie. De verzekeraars committeerden zich aan het fors verminderen van de administratieve last en schaarden zich achter de stelling dat zij onvoldoende in staat zijn om de kwaliteit van zorgverleners te beoordelen. Inhoudelijke kwaliteitsmeting moet worden overgelaten aan de beroepsgroep zelf, beaamden zij. NHG en InEen zegden toe zich in te zetten voor een herijking van bestaande interne kwaliteits- en registratiesystemen, met minder en minder vaak wisselende indicatoren en meer gebruik van spiegelinformatie.

Als actiecomité vonden we het van het grootste belang dat woorden werden omgezet in daden. Minister Schippers nam ter plekke onze deadline over: vóór 1 oktober moest er een akkoord liggen dat de machtsongelijkheid beëindigt en de bureaucratie terugdringt. Zij wilde daarin aanjager zijn.

Van Rode Hoed naar Zomerakkoord

Een belangrijke vrucht van het debat in de Rode Hoed was dat alle betrokken partijen op 1 juli 2015 bijeenkwamen voor de start van een reeks besprekingen die moest leiden tot een akkoord op 1 oktober over de verbetering van de positie van de huisarts. En met alle partijen bedoelden we ook echt alle besluitkrachtige partijen: de zorgverzekeraars, het Ministerie van VWS, de LHV, het NHG, InEen, de ACM en de NZa. Als Het Roer Moet Om namen wij op 1 juli de aftrap voor onze rekening. Juist vanwege de sleutelrol die Het Roer Moet Om speelde in deze ontwikkelingen, was het van groot belang om voorafgaand aan die startbijeenkomst zuiver te verwoorden hoe wij vonden dat het roer om moest. Die veranderpunten legden we vast in een document dat voorafgaand aan de bijeenkomst aan alle deelnemers werd gestuurd. De kern ervan was helder: verandering was nodig op drie gebieden. Een gelijkwaardige positie van huisarts en verzekeraar, het wegsnijden van de administratieve overlast en een zinvolle manier van kwaliteitsmeting.

De startbijeenkomst vond plaats in dezelfde constructieve sfeer als het debat in de Rode Hoed. De beroepsorganisaties LHV, NHG en InEen, die de handschoen hadden opgepakt, voerden gezamenlijk het voorzitterschap. Alle aanwezige organisaties waren op hoog niveau vertegenwoordigd: het ministerie van VWS, de grote zorgverzekeraars en Zorgverzekeraars Nederland, de ACM, de NZa en de NPCF. Alom was inmiddels de overtuiging ingedaald dat er iets moet veranderen en dat het momentum daar nu ook voor was. Er werden drie werkgroepen ingesteld, elk rond een van de drie thema's. Ook de VPH en de IGZ - beide nog niet vertegenwoordigd bij de startbijeenkomst - werden gevraagd daarbij aan te haken. Het overleg duurde de hele zomer en begin september keerden de werkgroepen terug met een eerste versie van hun verbeterplannen en afspraken die moesten uitmonden in een 'Zomerakkoord' dat op 1 oktober aan ons, huisartsen, werd gepresenteerd.

Als actiecomité hadden we er bewust voor gekozen geen zitting te nemen in de werkgroepen zelf. We wilden het uiteindelijke resultaat ongebonden kunnen beoordelen en het aan de ondertekenaars van het manifest kunnen voorleggen. Wel kregen - en namen - we tijdens de startbijeenkomst ruimschoots gelegenheid om de drie eisen uit het manifest nader toe te lichten en uit te werken.

Een doorbraak bij de ACM

Daarmee kwam vooralsnog een einde aan een jarenlange, desastreuze beleidslijn. De ACM erkende openlijk dat haar handhaving innovatie en initiatieven in de zorg had verstikt. Deze heroverweging kwam rechtstreeks voort uit het nationaal debat over de huisartsenzorg dat Het Roer Moet Om in juni organiseerde. Ook minister Schippers erkende daar dat samenwerking tussen huisartsen gewoon mogelijk moet zijn.

evenals Niet toevallig, want op 5 oktober werd het Zomerakkoord gepresenteerd.

Het Zomerakkoord: winst, maar geen eindpunt

Het Zomerakkoord richtte zich volledig op de eisen uit ons manifest: het mes in de verlammende bureaucratie, een eenvoudiger en zinvoller kwaliteitssysteem en een gelijkwaardiger verhouding tussen huisarts en verzekeraar. Het akkoord bevatte veel concrete maatregelen om de onzinnige bureaucratie in de huisartsenpraktijk fors terug te dringen: uniforme formulieren, geen overbodige verantwoordingen, zo veel mogelijk volstaan met een verwijsbriefje. Als actiecomité waren we tevreden over de stappen die hier werden gezet. Tegelijk wisten we dat bureaucratie weerbarstig is en snel terugvalt in oude patronen. Dat vraagt blijvende alertheid.

Ook op het gebied van kwaliteit werden belangrijke stappen gezet. Het verstikkende controlesysteem met honderden indicatoren maakte plaats voor een beperkt aantal zinvolle, betekenisvolle indicatoren. Er kwam een nieuwe aanpak die gericht was op kwaliteitsbevordering en -ondersteuning in plaats van controleren en straffen.

Op het punt van gelijkwaardigheid werd al eerder een doorbraak gemeld: de ACM schortte haar repressieve dreigbeleid ten aanzien van samenwerkende huisartsen op en verving dit door een gedoogbeleid. Samen zorg afstemmen in de wijk en samen onderhandelen met verzekeraars werd daarmee weer mogelijk. Tegelijk bleef dit een tijdelijke maatregel. Ons standpunt blijft onverminderd: de huisartsenzorg hoort niet thuis in de mededingingswet. Samenwerking is de basis van ons vak, niet concurrentie.

Waakhond en kompas

De volgende periode bleef de stuurgroep die verantwoordelijk was voor het Zomerakkoord bestaan om de voortgang te bewaken. De werkgroepen Gelijkwaardigheid en Bureaucratie zetten hun werk voort. Voor het thema Kwaliteit werd een nieuwe aanpak ingericht, met vier werkgroepen rond basiskwaliteitseisen voor de professional, indicatoren, praktijkorganisatie en patiëntervaringen. Ook Het Roer Moet Om nam hierin zitting.

Juist ook die visievorming binnen de beroepsvereniging moest aangejaagd worden. Voor chronische zorg was zo'n visie echter evenzeer noodzakelijk. Juist hierin toonde zich immers het productdenken, die huisartsenzorg devalueerde tot 'wasstraat-zorg'.

Met terechte trots begon daarmee ook een fase van zorg. Zorg over de concrete uitwerking, naleving en borging van de afspraken. Het verleggen van de koers van een mammoettanker kost tijd, maar de koersverandering moest wel zichtbaar worden. Die scherpte lag uiteindelijk bij onszelf. Daarom zagen wij ons als actiecomité als aanjager en waakhond.


2016

Van Zomerakkoord naar kompas

In december kondigden we al aan dat we met een eigen kompas zouden komen om de uitkomsten van de werkgroepen Kwaliteit te beoordelen op een wezenlijke koerswijziging. Wat ons betreft volgde die koers zes duidelijke bakens:

  1. De eindverantwoordelijkheid voor kwaliteitsbewaking ligt bij de beroepsgroep zelf.
  2. Verzekeraars faciliteren huisartsen in hun voortdurende streven naar kwaliteit, in plaats van hen te controleren.
  3. Intercollegiale intervisie en betrouwbare spiegelinformatie van patiënten en verzekeraars vormen het fundament onder deskundigheidsbevordering en herregistratie.
  4. Indicatoren moeten valide zijn: zij moeten aantoonbaar bijdragen aan betere zorg voor de patiënt en tot een strikt minimum worden beperkt.
  5. Praktijkcertificering betekent voldoen aan wet- en regelgeving en veldnormen; praktijkaccreditering is extra en daarmee een vrije keuze van de huisarts.
  6. Zorgprogramma's voor kwetsbare doelgroepen moeten de huidige ketenzorg vervangen. Het opknippen van patiënten in losse ziektes moet stoppen.

Met deze zes bakens maakten we opnieuw duidelijk waar het ons om gaat. Niet om cosmetische aanpassingen, maar om een andere manier van denken over kwaliteit, verantwoordelijkheid en vertrouwen.

Beroepsverenigingen: pak je rol

Als huisartsen hebben we beroepsverenigingen nodig die vooroplopen. Verenigingen die hun nek uitsteken. Of het nu gaat om gelijkwaardig onderhandelen of om het radicaal vernieuwen van het kwaliteitssysteem.

Op 2 april 2016 organiseerden we tijdens de Huisartsenbeurs in de Jaarbeurs in Utrecht het tweede 'Het Roer Moet Om-debat', een jaar na het eerste debat in de Rode Hoed. Een paar honderd huisartsen stonden rondom statafels, druk discussiërend over gelijkwaardigheid als gedeelde medische en financiële verantwoordelijkheid, en over de vraag of indicatoren geschikt zijn om kwaliteit van huisartsen te beoordelen. De grootste gemene deler was helder: zelf rekenschap afleggen over ons handelen, op een manier die recht doet aan de inhoud van ons vak.

Die dag presenteerden ook de organisaties binnen het samenwerkingsverband Het roer gaat om hun vorderingen. Sinds oktober werkten beroepsorganisaties, verzekeraars, overheden en toezichthouders in de geest van ons manifest aan de noodzakelijke verandering van de huisartsenzorg.

Zo'n tussentijdse balans was voor ons als actiecomité een belangrijk peilmoment. Lagen we nog op koers? Was het tempo hoog genoeg? En vooral: wat merkten huisartsen hier nu al van in de dagelijkse praktijk? Terugkijkend op het afgelopen halfjaar waren we positief over wat bereikt was. Met name op het gebied van administratieve lasten was er daadwerkelijk verbetering zichtbaar. Ook het vernieuwen van het kwaliteitsdenken kwam op gang. Praktische resultaten lieten nog op zich wachten, maar de richting was goed.

Het grootste vraagteken bleef voor ons de afspraak over gelijkwaardige onderhandelingen tussen huisartsen en zorgverzekeraars. De ruimte die was ontstaan door de koerswijziging van de ACM zou moeten leiden tot betere samenwerking. In de praktijk zagen we echter vooral een vriendelijkere toon, maar nog weinig echte gedragsverandering. Oud denken in producten, businesscases en indicatoren bleek hardnekkig. Dat was voor het actiecomité onacceptabel.

Verbreding: samen het roer in de zorg

Een jaar na het huisartsendebat in de Rode Hoed organiseerde de VVAA op 22 juni 2016 in Utrecht het congres Zelf aan het roer. In navolging van de huisartsen werden ook andere beroepsgroepen opgeroepen verantwoordelijkheid te nemen voor regie en kwaliteit. Doel was te komen tot een breed gedragen professioneel statuut: een Handvest voor de Zorg.

Ook zelf bleven we vooruitkijken. Samen met NieuweZorg en de VVAA begonnen we met de voorbereiding van een groot lijsttrekkersdebat in Carré, Amsterdam, op 21 januari 2017. Voorafgaand aan de Tweede Kamerverkiezingen van 15 maart wilden we het gesprek voeren over nieuw denken in samenwerking, gelijkwaardigheid, vertrouwen, kwaliteit en rekenschap.

In de op 20 september 2016 gepresenteerde Miljoenennota verwees het kabinet tot tweemaal toe naar successen van Het Roer Moet Om. Dat stemde trots, maar was voor ons ook aanleiding om onze volledige visie opnieuw onder de aandacht van bewindslieden te brengen. en

Niet terugdobberen

Toch waren we er nog lang niet. Sterker nog: we moesten alert blijven dat we niet ongemerkt terugdobberden naar het oude vaarwater. Het vastleggen van die nieuwe koers begon dicht bij huis: in de vergaderingen van Kringen en zorggroepen. De eerder opgestelde visies boden daarbij een kompas. Hoe wilden we chronische zorg bieden? Hoe zagen we de financiering daarvan? Wat waardeerden we eerst: het professioneel handelen van de huisarts of de organisatievorm? En wat was de rol van zorggroepen?

Het was aan de regiobestuurders om die antwoorden mee te nemen naar de algemene ledenvergaderingen van de beroepsverenigingen. Zo zorgden we er samen voor dat de organisaties die ons vertegenwoordigden zich daadwerkelijk committeerden aan een visie die in lijn was met het manifest dat anderhalf jaar eerder door 8000 huisartsen was ondertekend.


2017

Politieke keuzes in de zorg

Op 15 maart 2017 vonden de Tweede Kamerverkiezingen plaats. De zorg bevond zich op een kantelpunt. De overtuiging dat het anders moet én kan, werd steeds breder gedragen. Het ging daarbij niet alleen over marktwerking, bekostiging en organisatie, maar ook over waarden: vertrouwen in de professional, samenhang, gelijkwaardigheid en optimale zorg voor de patiënt.

Tijdens het nationale debat Politieke Keuzes in de Zorg op 21 januari 2017 in Carré werden politieke partijen uitgedaagd kleur te bekennen.

Het debat was uitverkocht. Sprekers uit de hele zorg lieten horen waar de echte knelpunten zitten. De politiek omarmde in grote lijnen de speerpunten van Het Roer Moet Om: gelijkwaardigheid, vertrouwen, samenwerking en het terugdringen van bureaucratie. Verschillende partijen pasten hun programma aan of presenteerden een nieuwe visie op zorg. Bijna alle partijen of hun leden namen verder afstand van de marktwerking in de zorg. Vrijwel alle aanwezige partijen spraken zich uit voor een forse vermindering van bureaucratie.

Een ander belangrijk resultaat was de brede politieke steun voor maatregelen om roken onder jongeren terug te dringen. Opnieuw werd zichtbaar wat er mogelijk is wanneer professionals zélf op de bres gaan staan.

Verbreden zonder te verwateren

Het nationale zorgdebat in Carré, onder regie van Het Roer Moet Om en Platform Nieuwe Zorg en ondersteund door de VvAA, leverde veel publiciteit op. Op de dag zelf stond het debat zelfs in de Europese top drie van meest besproken onderwerpen op Twitter. Het bevestigde opnieuw dat de vragen die wij stellen allang niet meer alleen huisartsen aangaan.

Tegelijkertijd bleef voor het actiecomité een ander punt nadrukkelijk op de agenda staan: de samenwerking tussen LHV, NHG en InEen. Al geruime tijd pleitten wij ervoor dat deze drie beroepsorganisaties meer samenhang en gezamenlijke visie uitstraalden. Tot onze teleurstelling leidden deze signalen nog niet tot duidelijke bestuurlijke standpunten of tot brede inhoudelijke discussies binnen de verenigingen zelf. Juist nu was leiderschap nodig. Regie nemen. Het gezamenlijke belang van de beroepsgroep vooropstellen. Over deze punten voerden we indringende gesprekken met LHV, NHG en InEen.

Verder op de radar

Parallel hieraan gingen we samen met leden van de Tweede Kamer aan de slag met het idee van een Schrapwet, bedoeld om onnodige wet- en regelgeving in de zorg daadwerkelijk af te schaffen. Ook zetten we ons in voor het instellen van een Staatscommissie die het zorgstelsel opnieuw tegen het licht hield. Voor eind 2017 kondigden we een Nationaal Schrapcongres aan, waarin politiek, toezichthouders, zorgverzekeraars en beroepsorganisaties verantwoording aflegden over concrete stappen.

Omdat bureaucratie niet exclusief is voor de huisartsenzorg, maar de hele zorgsector raakt, besloten we dit thema nadrukkelijk te verbreden. In nauwe samenwerking met de VvAA startten we het initiatief (Ont)Regel de Zorg. Begeleid door De Argumentenfabriek brachten zij de onzinnige regels en administratieve lasten in kaart.

Voorwaarts, met open ogen

Het regeerakkoord van Rutte III bevestigde de koers expliciet: waar samenwerking in het belang van patiënten wordt gefrustreerd door mededingingsregels, is aanpassing daarvan aangewezen. Het meest taaie dossier bleek opnieuw de kwaliteit. Inmiddels spraken overheid, verzekeraars en beroepsorganisaties zich uit voor een nieuw kwaliteitssysteem voor de huisartsenzorg, gebaseerd op vertrouwen in plaats van controle, en op intrinsieke motivatie, intercollegiale toetsing en rekenschap. Tegelijkertijd waren we realistisch: vooralsnog was het vooral een omslag in denken, nog niet in doen.

Schrappen in de praktijk

Op 18 november 2017 organiseerden we samen met de VvAA de schrapconferentie (Ont)Regel de Zorg. Hulpmiddelen als de Argumentenkaart en de


2018

Vol op eigen koers

De nieuwe minister voor Medische Zorg, Bruno Bruins, die de schrapconferentie opende, sprak zijn enthousiasme uit over deze aanpak. Ook voor accreditatieprocessen bleek 'trechteren' noodzakelijk. Met de NPA zijn hierover gesprekken gestart, met als doel dit proces binnen afzienbare tijd fundamenteel te vereenvoudigen.

Het verbreden naar andere delen van de zorg was waardevol. Maar het bleef noodzakelijk om ons kompas steeds opnieuw te richten op de eigen koers: de speerpunten van het manifest. Op het terrein van marktwerking was de angel eruit. Door de aangepaste houding van de ACM durfden huisartsen weer samen te werken. Op het gebied van bureaucratie werden concrete afspraken gemaakt en deels gerealiseerd, maar dit blijft een kwestie van volhouden en samen blijven wieden.

Woudschoten revisited

Ook wij waren soms verrast door wat het manifest, gedragen door jullie massale steun, in beweging had gezet. Maar het werk was niet af. Uiteindelijk hadden we als beroepsgroep een gedeelde, alomvattende visie nodig. Zoals de Woudschotenconferentie in 1959 de basis legde voor de huisartsengeneeskunde, zo was het zestig jaar later tijd voor een nieuwe gezamenlijke herijking: Woudschoten Revisited.

Het vizier in 2018: vaart erin, blik vooruit

Allereerst: de herijking van de kernwaarden van ons vak. NHG, hoogleraren (IOH), opleiders (LHOV) en aios (LOVAH), LHV, VPH en InEen pakten dit op en gingen voortvarend aan de slag. Het zou prachtig zijn als dit in de loop van 2019 - zestig jaar na de roemruchte Woudschotenconferentie - zijn beslag zou krijgen.

Ten tweede: de Trechter van Verdunning en de Argumentenkaart. Eenduidig, simpel gereedschap om de woekerende bureaucratie het hoofd te bieden. Ten derde: de accrediteringsmodellen. De NPA en andere certificeerders kwamen met afgeslankte modellen. Ten vierde: verzekeraars aanspreken op de nieuwe zorgakkoorden. Ten vijfde: de politiek aanspreken op keuzes maken. En ten zesde: grip op de HISsen. ICT moet ondersteunen, niet hinderen.

Schrap- en verbeterweken: het mandje raakt gevuld

Op 29 maart 2018 konden we melden: het mandje met HRMO-opbrengsten raakte steeds beter gevuld.

En er was meer. De NHG Praktijkaccreditering zette het bestaande accrediteringsmodel door onze Trechter van Verdunning. Eind 2018 zou dit moeten uitmonden in een op inspiratie en vertrouwen gebaseerd model, waarin niet langer onzinnige gegevens worden verzameld. Het Roer Moet Om volgde met de LHOV nauwgezet de NPA-vorderingen. Ook InEen maakte zorggroepen en huisartsenposten gaandeweg vertrouwd met de principes van het nieuwe denken over kwaliteit.

Veranderende waarden, groter dan het manifest

In mei 2018 zagen we ontwikkelingen op het huisartsenvak afkomen die groter zijn dan alleen ons manifest. De veranderingen in de zorg gingen snel. Voor steeds meer taken werd naar de huisarts gekeken: poortwachter naar de tweede lijn, spin in het web in de wijk, spil in een praktijk met steeds meer ondersteunende functies, vroegtijdig monitoren van maatschappelijke gezondheidsproblemen, en vooruitgeschoven post in de preventieve geneeskunde. Ondertussen liep het tekort aan huisartsen op.

Op 21 januari 2019, precies zestig jaar na de eerste Woudschotenconferentie, kwamen we opnieuw bijeen om de waarden van ons vak tegen het licht te houden. InEen, IOH, LHV, LHOV, LOVAH, VPH en WADI pakten samen met ons actiecomité de organisatie op. De landelijke discussie begon al in de zomer. Met hulp van De Argumentenfabriek ontwikkelden we een werkwijze en toolkit om door het hele land op dezelfde manier de opinies van huisartsen op te halen.

Lozen die loze audits

Vanaf het allereerste begin waren overbodige administratie, controle en regelzucht ons een doorn in het oog. In maart konden we melden dat ook NPA onder toeziend oog van minister Bruins haar handtekening zette onder het schrappen van overbodige audit-rondes: accreditering zou driejaarlijks worden, met een nieuwe systematiek gereed per 1 september 2018.

Daarna verscheen echter een nieuw konijn uit de hoge hoed. Ondanks een driejaarlijkse grote audit zou de auditor jaarlijks blijven komen voor een 'coachend én controlerend bezoek'. Bovendien zouden praktijken jaarlijks kunnen deelnemen aan thema-audits. En toen was ons geduld op. Het bestuur van de LHOV en het actiecomité waren het eens: dit moet anders.

Samen met de LHOV besloten we daarom onze overeenkomst met NPA op te schorten. Zolang NPA haar toezeggingen niet nakomt, accrediteren wij niet jaarlijks maar driejaarlijks. We riepen LHV, NHG en VPH op om stelling te nemen. Lozen die loze audits: eens per drie jaar is goed genoeg.

NPA overstag: invloed door samen op te staan

Nog geen week nadat we duidelijk maakten dat ons geduld op was, bleek dat veel huisartsen hun deelname daadwerkelijk opschortten. Op 27 november 2018 konden we melden: NPA gaat overstag. Amper een maand later lag er een formele toezegging: de NPA-accreditatiecyclus wordt daadwerkelijk eens per drie jaar.

Deze opsteker gaf ons de wind in de zeilen richting het volgende baken: meer vertrouwen in de individuele huisarts. Er lag een mooie opzet voor nieuw kwaliteitsbeleid, met meer ruimte voor spiegelinformatie en leren van en met elkaar.


2019

Op volle kracht richting Woudschoten

We voeren op volle kracht vooruit, richting Woudschoten. De conferentie op maandag 21 januari 2019 was binnen enkele uren volgeboekt. Geen beter bewijs voor de betrokkenheid van huisartsen bij de inhoud en toekomst van hun vak.

Op basis van de uitkomsten van de denksessies, de enquête en Woudschoten zelf bleef Het Roer Moet Om aanjager om tot betere keuzes te komen. Een aantal dossiers vroeg daarbij om snelle actie. Denk aan de ANW-zorg, aan een nieuw kwaliteitssysteem en aan betere digitalisering. Ook bleven wij ons inzetten voor het onderbrengen van een groot deel van segment 2 in segment 1.

Wind in de rug

Ondertussen kregen we, als actievoerende huisartsen, een inspirerende steun in de rug van een van Nederlands meest invloedrijke bestuurlijke denkers. Onze beweging werd daarin genoemd als voorbeeld van zo'n effectief en broodnodig tegenwicht.

De herijking van onze kernwaarden en kerntaken leefde. Met als uitkomst: vernieuwen met behoud van het goede.

Van kompas naar beweging

Leggen we het Woudschoten-kompas op de werkelijkheid van 2019, dan springen een paar grote landelijke vraagstukken direct in het oog. De belangrijkste vraag bleef hoe we de zorg inrichten nu vriend en vijand erkennen dat marktwerking niet de oplossing is. Een tweede prangende vraag: hoe 'gezamenlijk' mogen we ons opstellen om eindelijk tot goede contractonderhandelingen met verzekeraars te komen?

Turbulentie aan de randen

In mei 2019 werd die noodzaak alleen maar scherper. Aan de randen van ons zorgdomein nam de turbulentie toe. Problemen in aanpalende domeinen zoals GGZ, Jeugdzorg en VVT bleven voortduren en landden steeds vaker op het bord van de huisarts. Kwetsbare patiënten raakten tussen wal en schip. De uitstroom uit ziekenhuizen onder het label 'de juiste zorg op de juiste plek' vergrootte die druk verder.

Niet concurrentie, maar samenwerking moet leidend zijn. Dat vraagt om regie, om politieke keuzes en om het slechten van financiële en bestuurlijke schotten die samenwerking frustreren.

Niet loslaten

Pal voor de zomer gaven bijna 4000 collega's steun aan het pamflet. De volgende stap was het zichtbaar maken van wat er misgaat in de praktijk. Collega's stuurden ons massaal voorbeelden. Meer dan honderd verhalen, schrijnend en herkenbaar.

Zorg voor Samenhang: van noodsignaal naar richtingwijzers

Op dinsdag 26 november 2019 boden we het pamflet Zorg voor Samenhang! en het boekje Patiënt tussen wal en schip aan de Tweede Kamer aan.

Daarom stelden we als HRMO een kerstpakket samen met - soms radicale - adviezen om de zwalkende koers van het zorgschip te corrigeren.

Richtingwijzers voor politieke keuzes

Waaraan besteden we de publieke zorgeuro? Zorg is mensenwerk. De menselijke maat moet leidend blijven. Innovatie en beleid moeten de komende jaren gericht zijn op het behoud van zorgprofessionals, het verhogen van werkplezier, het terugdringen van bureaucratie en het creëren van tijd voor de patiënt.

Wat is optimale medische zorg? Optimale zorg is niet maximale zorg. Het is zorg die in overleg met de patiënt tot stand komt, met oog voor effectiviteit, zingeving en grenzen.

Wie pakt de regie in de zorg? Samenwerking en solidariteit verdragen zich niet met marktwerking en consumentisme. De politiek heeft de grondwettelijke verantwoordelijkheid om regie te voeren waar samenwerking noodzakelijk is.

Wat hebben huisartsen nodig?


2020

Vijf jaar HRMO: koers verlegd

Vanavond om 23.55 uur was het precies vijf jaar geleden dat wij ons manifest hadden gespijkerd op het ministerie van VWS en de kantoren van de zorgverzekeraars. Vijf jaar varen door vaak woeste grondzeeën. Gedreven, vasthoudend, en altijd naast het draaiend houden van onze eigen praktijken.

In die vijf jaar toonden we aan dat een actiegroep van professionals wél degelijk invloed kan uitoefenen op beleid. Dat tegenmacht werkt. Dat vasthoudendheid loont. Inmiddels hebben we onze koers verlegd. We patrouilleren nu net onder de waterspiegel - met periscoop en radar.

Vijf jaar HRMO

Sinds 11 maart 2015 hebben we een groot aantal fundamentele onderwerpen op de agenda gezet: de idiotie van de mededingingsregels in de zorg, de doorgeschoten controledrift, het structurele wantrouwen in de medische professional. Maar ook: het herijken van kernwaarden en kerntaken van de huisarts, het vormgeven van een nieuw kwaliteitsbeleid en het afslanken van accreditatie en bureaucratie.

We hebben geprobeerd verantwoordelijke partijen - inclusief onze eigen beroepsvertegenwoordigers - te bewegen tot verandering. In het besef dat je problemen niet kunt oplossen met dezelfde denkwijze die ze heeft veroorzaakt. Jullie steun is daarbij altijd cruciaal geweest. Het actiemodel van Het Roer Moet Om is binnen én buiten de zorg een begrip geworden.

Geen evenwicht zonder tegenwicht

Veranderingen gaan traag. Bij verantwoordelijke partijen ontbreekt het vaak aan inhoudelijke denkkracht en bestuurlijke moed om risico's te nemen en echt door te pakken. Tegengeluid van professionals is daarom geen luxe, maar een bittere noodzaak.

We zullen scherp moeten blijven. Blijven strijden voor de belangen van patiënten én voor de ruimte die huisartsen nodig hebben om verantwoord zorg te verlenen. HRMO zal de komende tijd - net als de beroepsorganisaties - zijn invloed blijven aanwenden om deze politieke processen de goede kant op te sturen.

Huisartsen nu zelf aan zet

HRMO doet een stap terug. Dat is geen afscheid, maar een bewuste verschuiving. Huisartsen zelf, samen met LHV, VPH, NHG en InEen, zijn nu aan zet om de druk op de ketel te houden. En dat lukt alleen als we de gelederen sluiten en - indien noodzakelijk - ook actiebereid blijven.

We blijven het politieke en maatschappelijke debat volgen.

En iedereen mag weten: we hebben nog één - en misschien zelfs twee - torpedo's aan boord.

Hartelijke groet,
Actiecomité Het Roer Moet Om

Boekje Nieuwsbrieven Logboek

Nieuwsbrieven Logboek

Alle verstuurde HRMO-nieuwsbrieven gebundeld in één document.